Leerdoel: Leerling uit groep 7 weet dat een deling ook als breuk geschreven kan worden en kan dit uitleggen en toepassen
Wat betekent het nou eigenlijk
Leerlingen leren begrijpen dat een breuk eigenlijk een deling is.
- Voorbeeld: 2 : 3 betekent “2 delen door 3” → dat schrijf je als 2/3.
- Voorbeeld: 5 : 2 betekent “5 delen door 2” → dat schrijf je als 5/2 = 2½.
Ze leren dit niet alleen uit te rekenen, maar ook uit te leggen met een context. Bijvoorbeeld: “We verdelen 2 pizza’s over 3 kinderen, ieder krijgt 2/3 pizza.”
Dit inzicht helpt bij het vlot wisselen tussen breuken, delingen en kommagetallen.
Voorbeeldsom

Schrijf 3 : 4 als breuk.
A. 3/4
B. 4/3
C. 3 ÷ 4
D. 4 ÷ 3
2. Schrijf 7 : 3 als breuk en als gemengd getal.
A. 7/3 = 2 1/3
B. 3/7 = 2 1/3
C. 7/3 = 3 1/2
D. 3/7 = 1 2/3
3. Welke uitspraak klopt?
A. 6 : 5 is groter dan 6/5
B. 6 : 5 is hetzelfde als 6/5
C. 6 : 5 is 5/6
D. 6 : 5 kan niet als breuk
Antwoorden (kort)
- 1 → A → 3 : 4 = 3/4
- 2 → A → 7 ÷ 3 = 2 rest 1 → 2 1/3
- 3 → B → de breukstreep betekent “gedeeld door”